Skip to main content
Americanflags

De Amerikaanse samenleving volgens Julius Evola

Globalisering en het daarmee vaak gepaard gaande multiculturalisme en vervaging van het eigene zijn processen die zich in vele vormen presenteren. Men wijst veelvuldig naar islamisering als een plaag die Europa teistert. Een niet zelden onterecht vergeten vorm van globalisering is veramerikanisering. Om dit proces te duiden debuteert Sagittarius met een elegie van en naar Julius Evola.

Door de eeuwen heen is John Dewey herhaaldelijk door de Amerikaanse pers geprezen als de meest representatieve figuur van de Amerikaanse samenleving. Deze constatering is redelijk correct, aangezien de theorieën van John Dewey geheel representatief zijn van de visie op man en zijn leven zoals deze visie wordt verkondigd door het “Amerikanisme” en haar democratie.

De essentie van de theorie van Dewey is als volgt: Iedereen kan worden wat hij worden wil, binnen de limieten van de technologische middelen die hij of zij binnen zijn bereik heeft. Een persoon is niet wat hij is door zijn aard of natuur en er bestaat geen verschil tussen mensen, er zijn alleen verschillen in kwalificaties. Dit soort theorieën komen ook terug in het zogeheten Fordisme, waarbij je iedereen hetzelfde karweitje kan laten doen aan de lopende band zonder naar de eigenschappen of natuur van de persoon te hoeven kijken. De theorieën van Dewey en het Amerikanisme leiden op economisch niveau tot lopendebandwerk. Iemand kan zijn en worden wat hij wil zolang hij weet hoe zichzelf te scholen en te trainen.

Door de focus op persoonlijke scholing en een negatie van de aard van de mens wordt de theorie van het Amerikanisme ook wel de theorie van de “zelfgemaakte man” genoemd: in een samenleving zoals de Amerikaanse is men alle notie van traditie verloren en doordringt het idee van persoonlijke triomfalisme, een notie die versterkt wordt door de egalitaire basis van de democratie. Als de basis van de democratie het egalitaire geloof is dan wordt alle natuurlijke diversiteit van de menselijke aard verworpen. Met als gevolg dat elke persoon zichzelf het potentieel van andere personen aan kan meten en de termen superieur en inferieur hun betekenis verliezen en alle levensstijlen openstaan voor iedereen. Tegen het organische wereldbeeld van de menselijke aard en haar vervulling plaatst de Amerikaan een mechanistisch wereldbeeld omdat de Amerikaanse samenleving uit zichzelf niet organisch ontstaan is. De Amerikaanse samenleving is dus feitelijk een samenleving van mensen met “maskers” die niet hun doel of roeping vervullen maar zich anders voordoen dan ze zijn. We kunnen ook wel zeggen dat het een samenleving is die tegenover de waarlijke persoonlijkheid of aard van de mens staat.

De zogeheten openheid voor andere ideeën die het Amerikaanse wereldbeeld kenmerkt is de andere zijde van de innerlijke vormeloosheid van de gemiddelde Amerikaan. Hetzelfde geld voor het Amerikaanse individualisme. Individualisme en persoonlijkheid zijn niet hetzelfde: het individu behoort tot de vormeloze wereld van de kwantiteit, de persoon tot de wereld van kwaliteit en hiërarchie. De Amerikaan is met haar individualisme de levende ontkenning van het Cartesiaanse motto: “ik denk, dus ik ben” (“cogito, ergo sum”) aangezien ze niet denken maar wel zijn (kwantiteit is “zijn, een lichaam in de wereld hebben. Denken is een kwalitatieve eigenschap die verschilt van mens tot mens). De Amerikaanse geest, primitief, onontwikkeld en onvolwassen, lijdt aan een gebrek aan karakteristieke vorm en is daarom makkelijk te vormen en standaardiseren.

In een samenleving die superieur is aan de Amerikaanse, zoals de samenleving van de originele Indo-Europeanen, zou de creatuur zonder karakteristieke vorm of kaste (kaste in de originele betekenis van het woord: het beroep wat het beste van de aard van het beestje past) worden gezien als iemand die buiten de samenleving staat. In dit opzicht is Amerika een samenleving van verschoppelingen, net zoals de eerste Puriteinse kolonisten verschoppelingen waren uit Europa. De rol van de verschoppeling in de originele traditionele hiërarchische samenleving was om onder de persoon te staan wiens persoonlijkheid, vorm en innerlijke principes op orde zijn: de persoon zonder enige innerlijke vorming uit zichzelf staat onder de man die voor zichzelf wetten maakt. De Amerikaan heeft echter dit systeem omgedraaid en probeert de hele wereld haar doctrines van het individualisme op te leggen. In het kort probeert de verschoppeling de dominante factor te zijn in de geopolitiek.

Vanaf de stichting van de Verenigde Staten is zij al gezien als een jonge natie met een “grote toekomst in het verschiet”. De defecten van het Amerikaanse democratische systeem worden beschreven als groeipijn. Het is niet moeilijk om te zien dat de progressieve mythe een grote rol speelt in deze visie van de VS, aangezien volgens het progressieve wereldbeeld alles wat nieuw, goed en sociaal progressief is een grote rol te spelen heeft in de wereld. In de Eerste Wereldoorlog, de Tweede Wereldoorlog en de strijd tegen terrorisme meet de VS zich de rol aan van de beschaafde verdediger van de progressieve democratie, die haaks staat op de, in hun ogen, slechte traditionele autocratieën der wereld. Als een jonge democratische natie vond en vindt de VS dat het recht heeft het lot en de levensvisie van andere volkeren te bepalen.

In tegenstelling tot wat volgens de progressieve mythe beweerd wordt, is historie echter cyclisch en niet eschatologisch. De meest recent ontstane vormen van samenleving en overheid zijn in geen enkel geval superieur aan vroegere vormen van regering, alleen omdat zij toevallig op een later tijdstip opgekomen zijn. Moderne regeringen kunnen achterlijker zijn dan archaïsche regeringen. In de cyclus van de historie bestaat een noodzakelijke correlatie tussen de meest primitieve en de meest ontwikkelde stadia, wat wil zeggen dat Amerika technologisch ontwikkeld mag zijn maar zich sociaal, religieus en cultureel in een primitief stadium bevindt. Amerika is het uiteindelijke stadium waar uiteindelijk de rest van het Westen zich naartoe beweegt. De filosoof Rene Guenon noemde Amerika “het verre Westen”, waarmee hij bedoelde dat Amerika een reductio ad absurdum is van de meest achterlijke en negatieve aspecten van de Westerse samenleving.

De symptomen van desintegratie en humane en culturele regressie, die in Europa nog niet volgroeid zijn, worden in de Verenigde Staten geprezen als de “waardes van de vrije wereld”. De Amerikaanse mentaliteit kan dan ook alleen maar worden behandeld als een voorbeeld van regressie en degeneratie in al haar vormen, een regressie die zich toont in de Amerikaanse verachting van ware spiritualiteit en persoonlijkheid. De mentale horizon van de Amerikaanse geest is dan ook zeer bekrompen en vaak alleen bezig met nu en relatief simpele materiële zaken, met als gevolg dat alle hogere waarden en moraal op hetzelfde niveau komen te liggen, banaal en simpel gemaakt worden, en hun inherente spirituele en principiële waarde verliezen. Leven in Amerikaanse termen is geheel mechanistisch en beperkt zich vrijwel altijd tot materiële dingen. De typische Amerikaan heeft geen spirituele dilemma’s en kent geen spirituele complicaties omdat hij van nature een materiële conformist is. Wij kunnen alleen concluderen dat deze primitieve kapitalistische geest feitelijk de geest is van een kind dat zich beperkt tot de fysieke wereld.

Laat mij het nu hebben over de Amerikaanse moraal, en dan vooral seksuele moraal. De “sex appeal” van de typische Amerikaanse vrouw zoals wij die kennen uit films is vooral fictief. Veel jonge Amerikaanse vrouwen missen sterke seksuele gevoelens en onttrekken hun plezier vooral uit verscheidene vormen van narcisme, zoals exhibitionisme, ijdelheid en een soort “fitness-cultus”, iets dat vele Amerikaanse mannen kunnen beamen. Amerikaanse vrouwen voelen geen enkele schaamte over seks, en zijn gemakkelijk vooral voor de soort man die seks als iets banaals ziet wat in isolatie wordt uitgevoerd, waardoor het seksuele proces zijn emotionele waarde verliest. Zie ook hier al het verlies aan waarde in de seksualiteit, waardoor het een puur materieel goed wordt. In de zogeheten “pick-up culture”, ook iets wat in de Verenigde Staten is ontstaan, is het heel gewoon voor twee volslagen vreemden om met elkaar seks te hebben, alsof het een puur mechanisch proces is.

Naast de openheid over seksualiteit zijn Amerikaanse vrouwen ook vaak zeer materialistisch. Het is de taak van de Amerikaanse man om de vrouw te belonen met materiële goederen, waarna zij hem beloont met seks, dat zo ook tot materieel goed verworden is. een goed voorbeeld van deze uitwisseling van “goederen” zijn de Amerikaanse wetten rond echtscheiding. Deze zijn zeer ten voordele van de vrouw, die daardoor makkelijk een rijkere partner kan zoeken met meer materieel bezit. Een vaak voorkomend geval in Amerikaanse relaties is dat de vrouw naast haar echtgenoot al een tweede man op het hoog heeft. Nadat zij de eerste man uitgeknepen heeft van zijn geld en goederen trouwt ze met de tweede man om van zijn rijkdom te profiteren.

Niet alleen Amerika is echter het slachtoffer van Amerikanisme. In Europa begint nu ook het proces van veramerikanisering goed door te dringen. In veel Europese landen wordt dit proces toegejuicht als iets organisch, terwijl het feitelijk de doodsteek is voor lokale en regionale culturen.

Het is juist tegen de culturele en spirituele regressie van het Amerikanisme dat veel westerlingen zwak zijn. Westerlingen zijn maar al te blij om Amerika aan te duiden als “leider van de vrije Westerse wereld”. Wie modern wil zijn baseert zich op de Amerikaanse standaard. Het is bijna treurig om te zien dat zo veel Europeanen door het stof kruipen voor Amerikaanse “waarden”. De moderne veneratie van de Amerikaanse levensstijl heeft niks van doen met een interesse in andere culturen, aangezien het zich manifesteert in een staat van slavernij.

Ook moderne media dragen een groot deel bij aan de veramerikanisering van de samenleving. Zonder criteria van wat inferieur of superieur is volgt de moderne media de “fashionable” thema’s en trends van Amerikaanse markten, en is daarmee vooral gericht op het meest veramerikaniseerde deel van de bevolking. Een voorbeeld is de Nederlandse Top 40, die vrijwel nooit Nederlandse muzieknummers bevat maar altijd Amerikaanse overgeproduceerde popmuziek of ritmische rap van negroïde afkomst. Of wat te denken van de vele TV-formats die worden ingekocht in de VS om er een Nederlandse variant van te produceren. Om de woorden van de Amerikaanse socioloog Burnham te gebruiken: “Wie kan er niet een huivering onderdrukken na het luisteren van een Amerikaans radioprogramma, wanneer hij bedenkt dat het enige alternatief voor communisme Amerikanisme is”.

De consequentie van de doe-het-zelf versie van de Amerikaanse democratie is dat een groot deel van de bevolking zich overgeeft aan allerlei vormen van modernistische regressie en hedonisme aangezien zij zeer snel hun landelijke identiteit vergeten wanneer ze niet geconfronteerd worden met een regering welke deze identiteit promoot.

Wanneer de Amerikaanse democratie ontmaskerd wordt, blijft in feite een instrument over van de oligarchie welke als doel heeft het volk te misleiden en te misbruiken voor eigen gewin. Het is een hiërarchisch en in toenemende mate steeds minder vrij systeem dat is opgetuigd om men in slaap te sussen. Men leeft met het idee dat dit nu eenmaal zo is, en als men er al tegen is, dat dit een kracht is die te groot is om te overwinnen. Anderen stellen dat er interessante ontwikkelingen gaande zijn die een meer optimistische blik op de toekomst rechtvaardigen. De toekomst zal uitwijzen wie het gelijk aan zijn kant heeft.

Sagittarius